Coast FI: hoeveel moet u beleggen om uw pensioen op automatische piloot te zetten?
Keytrade Bank
keytradebank.be
07 oktober 2026
3 minuten te lezen
Op TikTok en Instagram rekenen steeds meer jongeren uit wanneer ze genoeg belegd hebben om nooit meer voor hun pensioen te hoeven sparen. Daarvoor gebruiken ze een formule: Coast FI. Maar één verkeerde aanname in de rekensom kan uw droom van een vroege financiële vrijheid doorprikken.
Coast FI is een uitloper van de FIRE-beweging (Financial Independence, Retire Early). Aanhangers daarvan sparen extreem veel om zo vroeg mogelijk te stoppen met werken. Coast FI mikt op iets anders: het punt waarop uw beleggingen zonder nieuwe stortingen vanzelf uitgroeien tot het bedrag dat u op uw pensioenleeftijd nodig hebt. Vanaf dan kunt u uitbollen, zoals een fietser die ophoudt met trappen en de helling afrijdt.
U blijft wel werken om van te leven, maar het sparen voor later is in principe afgerond. Dat geeft vrijheid: bijvoorbeeld voor een lager betaalde maar meer boeiende job, deeltijds werk of een sabbatical. To coast betekent letterlijk ‘uitbollen’ of ‘op eigen kracht verdergaan’. FI staat voor Financial Independence, financiële onafhankelijkheid.
Waarom het idee aanslaat
Het concept spreekt vooral jongeren aan die twijfelen of hun pensioen later zal volstaan. In België is die vrees niet onterecht. Een Belgische gepensioneerde krijgt gemiddeld een wettelijk pensioen van 2.046 euro bruto per maand (bron). Dat is een gemiddelde over alle stelsels heen: werknemers en zelfstandigen krijgen doorgaans een pak minder dan ambtenaren.
Het wettelijk pensioen in België is weliswaar gekoppeld aan de index en is zo grotendeels beschermd tegen inflatie. Het kapitaal dat u zelf opbouwt, geniet die bescherming niet. Een aanvullend pensioen dicht een deel van de kloof, maar lang niet voor iedereen. Wie zijn levensstandaard wil behouden, moet dus zelf bijleggen.
De formule
De berekening past op een bierviltje:
Coast FI-bedrag = doelbedrag / (1 + r)t
Daarbij staat r voor het verwachte jaarlijkse rendement en t voor het aantal jaren tot uw pensioen.
Een voorbeeld. Een 35-jarige gaat op zijn 67e met pensioen, de wettelijke pensioenleeftijd vanaf 2030. Hij heeft dus nog 32 jaar. Bovenop zijn wettelijk pensioen wil hij zo'n 1.000 euro per maand extra. Volgens de populaire 4%-regel kunt u het eerste jaar 4% van uw startvermogen opnemen en dat bedrag daarna jaarlijks aanpassen aan de inflatie zonder dat het binnen dertig jaar opraakt (bron). Voor 12.000 euro per jaar heeft hij dus 300.000 euro nodig (doelbedrag).
Rekent hij met een jaarlijks rendement van 7%, dan komt hij uit op een Coast FI-bedrag van ongeveer 34.400 euro. Wie dat bedrag op zijn 35e belegd heeft, zou nooit meer iets hoeven bij te leggen. Klinkt te mooi om waar te zijn? Dat is het vaak ook, en precies dat blijft op sociale media onderbelicht. Elke schakel in die rekensom verdient een kritische blik.
Schakel 1: het doelbedrag rust op een wankele vuistregel
De 4%-regel dateert van 1994. De Amerikaanse financieel planner William Bengen leidde ze af uit de Amerikaanse beursgeschiedenis, voor een pensioen van dertig jaar. Recentere studies zijn voorzichtiger. Morningstar berekende eind 2025 dat een gepensioneerde die zijn koopkracht dertig jaar lang wil behouden, met 90% zekerheid beter start rond 3,9%, en dan nog met een portefeuille die maar voor 30 à 50% uit aandelen bestaat (bron). In 2021 kwam datzelfde onderzoek zelfs uit op 3,3%.
Dertig jaar is trouwens geen overdreven horizon. Een Vlaamse man van 65 heeft vandaag gemiddeld nog 19,8 jaar voor de boeg, een vrouw 22,6 jaar (bron). Maar dat is een gemiddelde: een flink deel van de gepensioneerden leeft een stuk langer. Wie op 3,5% rekent in plaats van 4%, heeft voor dezelfde 1.000 euro per maand geen 300.000 maar zo'n 343.000 euro nodig.
Schakel 2: inflatie verdubbelt uw doelbedrag bijna
Die 300.000 euro is uitgedrukt in euro's van vandaag. Over 32 jaar koopt u daar veel minder mee. Bij een inflatie van 2% per jaar, het streefcijfer van de Europese Centrale Bank, hebt u dan zo'n 565.000 euro nodig voor dezelfde koopkracht. En 2% is geen garantie: in 2022 liep de inflatie in België zelfs op tot 10,3% (bron).
Rekenkundig lost u dat op met een reëel rendement: het rendement na inflatie. Een nominaal rendement van 7% wordt bij 2% inflatie ongeveer 4,9%. Het Coast FI-bedrag stijgt daardoor tot zo'n 63.000 euro. Bijna het dubbele.
Schakel 3: die 7% is Amerikaans, en het verleden
De 7% die vaak op sociale media circuleert, ligt dicht bij wat de Amerikaanse beurs historisch opbracht. Amerikaanse aandelen rendeerden tussen 1900 en 2025 gemiddeld 9,8% per jaar, of 6,6% na inflatie (bron). Maar de VS zijn de best presterende grote beurs van de voorbije eeuw, niet het gemiddelde.
Belgische aandelen behoren in dezelfde databank tot de mindere presteerders van alle landen met een volledige historiek sinds 1900 (bron). Wie zijn pensioenkapitaal vooral in Belgische namen belegt, rekent dus beter niet met Amerikaanse rendementen. Wereldwijd spreiden loonde bovendien: sinds 1974 haalden beleggers in de overgrote meerderheid van de landen een betere verhouding tussen rendement en risico door wereldwijd te beleggen in plaats van enkel in eigen land (bron).
Ook de periode telt. Sinds 2000 haalden wereldwijde aandelen gemiddeld 3,5% per jaar na inflatie (bron). Dat is een kwarteeuw, ongeveer even lang als de horizon van een Coast FI-plan.
Er schuilt nog een subtielere val in het woord 'gemiddeld'. Een beurs die het ene jaar 30% stijgt en het volgende jaar 30% daalt, staat na twee jaar niet op nul, maar op min 9%. Hoe grilliger de koersen, hoe groter het verschil tussen het rekenkundige gemiddelde en wat u werkelijk overhoudt.
Kleine verschillen in rendement wegen over 32 jaar enorm door. Voor hetzelfde doel van 300.000 euro in euro's van vandaag ziet het Coast FI-bedrag van onze 35-jarige er zo uit:
- 7% zonder rekening te houden met inflatie: ongeveer 34.400 euro
- 5% reëel: ongeveer 63.000 euro
- 4% reëel: ongeveer 85.500 euro
- 3% reëel: ongeveer 116.500 euro
Hetzelfde doel, en toch ligt het vereiste startbedrag bij de voorzichtigste aanname meer dan drie keer hoger dan bij de optimistische. Combineert u de voorzichtige rendementsaanname met de voorzichtige opnameregel van 3,5%, dan landt u zelfs rond 133.000 euro. Bijna vier keer het bedrag waarmee de rekensom begon.
Schakel 4: kosten en belastingen knabbelen mee
De formule rekent met een brutorendement. In de praktijk betaalt u beheerkosten, transactiekosten en belastingen. Ook dat weegt zwaar over een lange periode: wie jaarlijks 1 procentpunt meer kosten betaalt, eindigt na 32 jaar met ongeveer een kwart minder vermogen.
Op dividenden betaalt u 30% roerende voorheffing. En sinds 1 januari 2026 geldt een meerwaardebelasting van 10% op gerealiseerde winsten op financiële activa, met een jaarlijkse vrijstelling van 10.000 euro per persoon. Na drie decennia bestaat een Coast FI-vermogen grotendeels uit meerwaarde. Wie tijdens zijn pensioen gespreid verkoopt, kan de vrijstelling wel elk jaar opnieuw benutten.
Maar vooral: u rekent met de fiscale regels van vandaag voor een horizon van dertig jaar. Tot eind 2025 was een meerwaarde op aandelen voor de meeste particulieren nog volledig belastingvrij. Regels veranderen, en niet altijd in uw voordeel.
Schakel 5: slechte beursjaren en het juiste moment
Critici waarschuwen vaak dat een beurscrash vlak na uw laatste storting uw plannen kan kelderen. Die redenering klopt maar half. Zolang u niets bijstort of opneemt, maakt de volgorde van goede en slechte jaren voor het eindresultaat niets uit. Een crash in jaar drie of in jaar dertig levert na 32 jaar hetzelfde bedrag op, als het gemiddelde rendement gelijk blijft.
Dat verandert zodra u begint op te nemen. Wie in de eerste pensioenjaren een zware daling meemaakt en toch elke maand verkoopt om van te leven, holt zijn kapitaal veel sneller uit dan wie diezelfde daling pas tien jaar later krijgt.
Het echte risico tijdens de opbouw zit elders. Eén: de beurs kan over uw hele horizon gewoon minder opbrengen dan gehoopt. Twee: de menselijke factor. Wie na een forse daling in paniek verkoopt, zet een verlies op papier om in een definitief verlies. En wie niet meer bijstort, mist bovendien de kans om tijdens een dip goedkoop bij te kopen. Uitgerekend het mechanisme dat periodiek beleggen zo krachtig maakt, schakelt u met Coast FI uit.
En dan is er nog het leven zelf
Veel jongeren berekenen hun Coast FI-bedrag op hun 25e of 30e, nog vóór ze een huis kopen, kinderen krijgen of een scheiding meemaken. Hoeveel u over dertig jaar nodig hebt, hangt af van uw gezondheid, uw woonsituatie en misschien de zorg voor uw ouders.
Ook de spelregels bewegen. De wettelijke pensioenleeftijd steeg in 2025 van 65 naar 66 jaar. Wie geboren is vanaf 1964, gaat pas op 67 jaar met pensioen (bron). In mei 2026 keurde het federale parlement bovendien een nieuwe pensioenwet goed, met onder meer een malus voor wie vervroegd met pensioen gaat zonder voldoende gewerkte dagen (bron). Wie vandaag een eindbedrag vastlegt, mikt dus op een bewegend doel.
Hoe gebruikt u Coast FI dan wel?
Het concept is niet waardeloos, integendeel. Het zet een krachtig principe in de verf: hoe vroeger u belegt, hoe meer werk het rendement voor u doet. Tienduizend euro die u op uw 25ste belegt, groeit bij 4% reëel rendement tot zo'n 52.000 euro op uw 67ste. Belegt u hetzelfde bedrag pas op uw 45ste, dan eindigt u rond 23.700 euro.
Beschouw Coast FI daarom als een tussentijdse mijlpaal, niet als een eindpunt.
- Reken voorzichtig. Gebruik een reëel rendement van 3 à 4%, een opnamepercentage van 3,5% en reken in euro’s van vandaag.
- Tel mee wat u al opbouwt. Uw wettelijk pensioen, een eventuele groepsverzekering via uw werkgever en uw pensioensparen verkleinen de kloof die u zelf moet dichten. Via pensioensparen krijgt u 30% belastingvermindering op stortingen tot 1.050 euro per jaar, of 25% tot 1.350 euro.
- Spreid wereldwijd. Wie alleen op Belgische of Europese aandelen leunt, rekent beter niet met de rendementen van de Amerikaanse beurs. Een wereldwijd gespreide portefeuille maakt u minder afhankelijk van het lot van één land.
- Herbereken jaarlijks. Doe de oefening elk jaar opnieuw en stuur bij wanneer uw leven, de fiscaliteit of de markten veranderen.
- Stop niet helemaal. Wie zijn Coast FI-bedrag bereikt, kan zijn inspanning verminderen. Maar zelfs een bescheiden 150 euro per maand groeit bij 4% reëel rendement over 32 jaar uit tot zo'n 113.000 euro in euro's van vandaag. Dat is een stevige buffer tegen tegenvallende rendementen, en het houdt de gewoonte levend.
Coast FI is dus vooral een nuttige rekenoefening die u motiveert om vroeg te beginnen. Wie het getal als een vrijbrief ziet om voorgoed te stoppen met sparen, rekent zich mogelijk rijk.
Raadpleeg vóór u belegt de belangrijkste kenmerken en risico's van financiële instrumenten.
Vandaag beginnen aan uw pensioenvermogen?
Begin met periodiek beleggen en/of met fiscaal voordelig pensioensparen.


